Categorie

De invloed van hechting op je zelfbeeld

Zelfbeeld en hechting hebben alles met elkaar te maken. Onze psychosociaal therapeut Susan Vroemen vertelt op welke manier ervaringen in je vroege jeugd van invloed kunnen zijn op je zelfvertrouwen. Dit is de tweede aflevering binnen de reeks over hechting. In deze reeks kijkt Susan Vroemen samen met jou naar hoe de ervaringen in je vroege jeugd van invloed zijn op jouw leven en de manier waarop jij met anderen omgaat. Ze reikt je inzichten en handvatten aan. Het eerste artikel ging over hoe hechting in je jongere jaren doorwerkt in je leven.

Overtuigingen in je zelfbeeld

Denk je wel eens dat

… de ander het niet meent als hij aardig tegen je is.
… een uitnodiging niet voor jou bestemd is.
… je door de mand zult vallen, als iemand je écht kent.
… niemand bereid zal zijn om je te helpen als je hulp nodig hebt.

Deze overtuigingen zitten ergens diep van binnen. Je denkt dat je het niet waard bent om van gehouden te worden en dat je niet goed genoeg bent. Door deze overtuigingen heb je weinig vertrouwen in jezelf en anderen. Je weet dat deze gedachten niet waar zijn, maar toch voelt het zo. Waar komen die diepgewortelde overtuigingen vandaan?

Jouw zelfbeeld heeft alles te maken met hechting. Wanneer er in je kinderjaren met voldoende aandacht op jouw behoeften werd gereageerd, dan leerde je dat je iemand bent, die liefde en aandacht verdient. Was de zorg onvoorspelbaar of afwezig? Dan leerde je dat je niet de moeite waard bent. Je bepaalt het beeld dat je van anderen hebt op dezelfde manier. Werden jouw behoeften met liefde beantwoord? Dan is de ander te vertrouwen, beschikbaar, en open naar jou toe. Of: de ander is afwijzend, onbetrouwbaar en afstandelijk.

De kwetsbaarheid van een kind

HechtingAls jong kind ben je afhankelijk van je ouders of verzorgers om te voorzien in primaire levensbehoeften als eten, drinken, voldoende rust en slaap. Deze afhankelijkheid maakt je erg kwetsbaar. Alles in je is er op gericht om je te binden aan deze volwassene, want zonder haar (in eerste instantie je moeder), kun je niet overleven. 

Daarnaast zijn de volwassenen die voor je zorgen je spiegel. Zij bevestigen jouw bestaan door je vast te houden, te knuffelen, je aan te kijken, tegen je te praten enzovoort. Het knuffelen is daarbij net zo belangrijk als de praktische zaken. Zo ontstaat ‘veilige hechting’: jouw ouders of verzorgers bieden dan een veilige haven waar jij als kind op kunt terugvallen. 

Een veilig gehecht kind heeft als basisgevoel: Ik ben OK, en jij bent OK. Je weet dat als je je ouders nodig hebt, ze er voor je zijn. Dit heeft een positieve werking op je zelfbeeld: ‘Ik ben de moeite waard.’ Daardoor leer je zowel op jezelf als op anderen te vertrouwen.

Jouw ouders zijn niet de enige die een grote invloed hebben op jouw zelfvertrouwen. Vanaf een jaar of zes worden vriendschappen belangrijk. Ook zijn de ervaringen die je opdoet in de klas en met leeftijdsgenoten belangrijk.

Andersom is de manier waarop je gehecht bent aan je ouders, van invloed op je sociale vaardigheden. Het is mede bepalend voor hoe je contacten met anderen legt, vrienden maakt, en probleemsituaties oplost. 

Het kan ook zo zijn dat als je op school bijvoorbeeld weinig aansluiting vindt, of zelfs gepest wordt. Dit heeft een negatieve invloed op de hechtingsrelatie met je ouders en leraren. Een kind dat geen hulp krijgt of durft te vragen, raakt geïsoleerd en voelt zich in de steek gelaten. Pesten en buitengesloten worden hebben dan een dubbele negatieve invloed op de ontwikkeling van je zelfbeeld.

Onveilige hechting: waar sta jij?

Als je onveilig gehecht bent, heb je ervaren dat als je een ander (ouder, verzorger, leraar) nodig hebt, die persoon er niet (altijd) voor je is. ‘Ik ben blijkbaar niet de moeite waard’, is jouw conclusie. Na het vormen van deze conclusie zijn er drie mogelijke basisposities die je kan innemen. Deze positie vormt later, als je volwassen bent, de bril waardoor je naar jezelf en andere mensen kijkt. 

1. Jij bent OK, maar ik niet: je laat het beeld van de ander intact, maar trekt de conclusie dat je zelf niet de moeite waard bent. Je bent erg op de ander gericht en hebt veel geruststelling van hem of haar nodig. Daarnaast voelt het alsof jij meer in de relatie investeert dan de ander en daar word je wel eens boos om. Je bent angstig gehecht.

2. Ik ben OK, maar jij niet: je laat het beeld van jezelf intact, maar trekt de conclusie dat de ander niet te vertrouwen is. Als het erop aan komt kan ik alleen op mezelf vertrouwen. Je trekt je het liefst terug op jezelf en doet het allemaal alleen. Je vindt het vervelend om afhankelijk te zijn van een ander of als die te veel op jou leunt. Als je jezelf hier het meest in herkent, ben je vermijdend gehecht

3. Jij bent niet OK, ik ben niet OK: Je verliest zowel het vertrouwen in jezelf als in de ander. Je weet vaak niet hoe je boodschappen moet interpreteren of je voelt je er dubbel over. Je weet dan ook vaak niet hoe je moet reageren in verschillende situaties met anderen en je raakt in verwarring van intieme relaties. We noemen dit gedesoriënteerd en gedesorganiseerd gehecht

Deze basis-hechtingspatronen komen vooral tot uiting in stressvolle situaties. Ook kun je van patroon wisselen onder verschillende omstandigheden gedurende je leven. Wel kun je, als je je hier eenmaal bewust van bent, een bepaald basispatroon bij jezelf ontdekken die het vaakst voorkomt in bepaalde situaties. Als volwassene ben je er vaak van overtuigd dat, als het erop aankomt, je het helemaal alleen moeten opknappen in het leven. Als reactie daarop kun je je helemaal op anderen gaan richten, je terugtrekken of het gewoon niet meer weten.

Voorwaardelijk zelfbeeld: ik mag er zijn als…

Een negatief zelfbeeld is gerelateerd aan een toename van sociale angst. Daarentegen kan een positief zelfbeeld een gunstig effect hebben op sociale angst. Mensen zijn ontzettend creatief en negatieve gevoelens, zoals angst, voel je liever niet. We hebben verschillende strategieën om ons zelfbeeld kunstmatig op te krikken. Een denkwijze kan zijn: ‘Ik mag er wel zijn, als ik … Of: ‘Ik hoor er wel bij, als ik …’  Vervolgens ga je daar naar handelen. Je streeft bijvoorbeeld naar perfectie en denkt dat je alleen geaccepteerd wordt als je geen fouten maakt.

Klinisch psycholoog Taibi Kahler ontdekte dat er vijf basisstrategieën zijn die we in het algemeen inzetten. Welke herken jij?

Ik mag er wel zijn/ ik voel me wel geaccepteerd als ik…

  • alles perfect doe
  • sterk ben
  • mijn best doe
  • opschiet
  • iets voor een ander doe

Dit leidt tot een voorwaardelijk zelfbeeld: je voelt je alleen goed over jezelf als je aan deze voorwaarde voldoet. 

Omdat we zo gevoelig zijn in onze kindertijd voelen we perfect aan wat we moeten doen, en dat maken we ons zo eigen dat het een tweede natuur wordt. Na verloop van tijd lijkt het alsof we zelf zo denken. Als je op onderzoek gaat, kom je echter altijd uit bij directe en indirecte boodschappen van ouders, leraren, opa’s en oma’s en (later) leeftijdsgenoten, die je hebt overgenomen.

Voor een gezond zelfbeeld moet je deze voorwaarden omzetten naar een onvoorwaardelijke zelfwaardering. Dat betekent dat je jezelf toestemming moet gaan geven om bijvoorbeeld iets niet voor een ander te doen (en wel voor jezelf). Of om je tijd te nemen. En dat betekent dat je jezelf accepteert met je positieve en je negatieve kanten. Je hoeft jezelf niet groter te maken, maar ook niet kleiner. Dit is wie je bent.

Ik ben OK, en jij ook: hoe creëer je een veilige basis?

Als je wilt leven vanuit ‘ik ben OK, en jij ook’, is het belangrijk dat je jezelf positieve ervaringen gunt. Dat betekent erop uit gaan om ervaringen op te doen, maar ook jezelf de ruimte gunnen om fouten te mogen maken. Je hoeft niet perfect te zijn. Dat geldt ook voor de ander! Trek je niet meteen terug in je veilige comfortzone als de ander iets doet wat voor jou niet prettig is of waardoor je je miskend voelt. Op jezelf en de ander leren vertrouwen, doe je door steeds heel bewust een stap te zetten en de communicatie over wat je nodig hebt open te houden. Zo leer je steeds meer dat je contact kunt hebben zonder dat je steeds alert moet zijn.

Met een therapeut kun je je vroege ervaringen onderzoeken en een nieuw begin maken. Therapieën als Schematherapie, Transactionele Analyse en EFT zijn hierop gericht. Niet om in het verleden te blijven hangen, maar soms moet je even terug om weer door te kunnen. 

Susan Vroemen

Susan Vroemen

Therapeut Houten

Wil jij meer weten over Susan Vroemen of een afspraak maken? Bel dan naar 085-4014720. Susan Vroemen is werkzaam als psychosociaal therapeut Houten. Zij behandelt uiteenlopende klachten en vraagstukken. Zo kun je bijvoorbeeld bij haar terecht als je hulp nodig hebt bij hechtingsproblematiek, depressieve– en burn-out klachten.

Dit vind je misschien ook interessant

Hulp of advies nodig?

Blijf niet met je klachten lopen en bel met ons. We kunnen je adviseren en plannen wanneer gewenst direct een afspraak voor je in bij een psycholoog die bij je past.

  • Persoonlijk advies
  • Geen wachtlijst
  • Direct een afspraak
Bel: 085-4014720
Zoek een psycholoog