Categorie

Hechting en gevoeligheid voor stress

Ben je gevoelig voor stress? Wellicht ligt de oorzaak in je jeugd. Was er bij jou bijvoorbeeld continu ruzie thuis? Werd je als kind gepest? Of heb je als kind te maken gehad met misbruik? Deze stressvolle gebeurtenissen beïnvloeden de manier waarop jij je als kind hecht en hebben invloed op jouw stressgevoeligheid. Dit artikel maakt deel uit van een reeks over hechting. Het vorige artikel ging over de invloed van hechting op je zelfbeeld. Deze keer vertelt psychosociaal therapeut Susan Vroemen over de relatie tussen hechting en stress.

Ervaar je op hele jonge leeftijd vaak stress, of maak je traumatische gebeurtenissen mee? Dan zie je dat terug in de ontwikkeling van netwerken in je hersenen en de stressreactie van je lichaam. Maar wist je dat dit ook later, als je volwassen bent, bepaalt hoe gevoelig je bent voor stress? Ervaringen in je kindertijd, zoals continu ruzie thuis, maar ook pesten op school stellen de drempel van je stresssysteem scherper af, waardoor het gemakkelijk ontregeld raakt.

Er zijn aanwijzingen dat onveilige gebeurtenissen zoals seksueel misbruik of fysieke mishandeling, maar ook het verlies van een ouder, je stresssysteem blijvend veranderen. Je bent gevoeliger voor stress en dit verhoogt ook weer de kans dat je later een angststoornis, of depressie ontwikkelt.

Een gevoelig afgesteld zenuwstelsel

In je hersenen ontwikkelen zich netwerken van zenuwverbindingen als reactie op ervaren, doen en leren. In de eerste periode van je leven, van de conceptie in de baarmoeder tot ongeveer je elfde jaar, wordt de basis gelegd voor je latere fysieke, emotionele en cognitieve ontwikkeling. Je wordt dan als het ware ‘ingeregeld’ door je omgeving en de ervaringen die je opdoet. Je kunt het vergelijken met leren zien. We worden geboren met ogen, een oogzenuw, en een gebiedje in onze hersenen dat, van alle signalen die via onze ogen binnenkomen, een beeld maakt. Alles is aanwezig, maar ‘zien’ moeten we leren. Door te kijken, naar dingen te grijpen en te tasten, en later ook door de ruimte te verkennen, leer je zien. Je leert inschatten hoe groot iets is, en hoe ver weg het is, en het ene voorwerp van het andere onderscheiden. En terwijl je dat doet, worden met iedere nieuwe actie duizenden verbindingen in je hersenen aangelegd.

Op eenzelfde manier krijgen ál onze ervaringen hun weerslag in de netwerken in je hersenen: de verbindingen tussen hersenkernen, de aanmaak van neurotransmitters (boodschappenstofjes) en hormonen. Bij je geboorte zijn je hersenen nog lang niet volgroeid: dagelijks worden duizenden nieuwe verbindingen aangelegd. Doorgaans bereiken de hersenen pas hun volwassen vorm, omvang en functioneren als je ergens tussen de 21 en 24 jaar oud bent. Ook daarna is het brein nog flexibel en kun je nieuwe dingen leren en je blijven ontwikkelen. Maar: hoe jonger je bent, hoe sneller het gaat. Gebeurtenissen in die vroege periode hebben daarom de grootste impact.

Een grote impact, want: de netwerken die je in je jeugd ontwikkelt, zijn de netwerken waar je het later als volwassene mee moet doen. Wetenschappers in de neuropsychologie hebben ontdekt dat op deze manier in je jeugd, en voor je geboorte, als het ware de ‘programma’s’ voor voelen, denken en lichamelijke reacties voor je latere leven worden geschreven. Je draagt de ervaringen uit je jeugd mee in je volwassen leven. Ze zitten in je lichaam opgeslagen en zijn ingesleten in je biologie. 

Vicieuze cirkel

Veilige hechting, geknuffeld worden, je geliefd en geaccepteerd voelen, zorgen ervoor dat de hippocampus, een heel belangrijk gebiedje in je hersenen voor het reguleren van stress, cortisolreceptoren aanmaakt. De hippocampus vormt samen met de hypofyse en je bijnieren de zogenaamde stress-as (HPA-as). In tijden van stress maak je het stresshormoon cortisol aan. Dat is een hele gezonde reactie. Is er eenmaal cortisol, dan vangen de receptoren dat signaal op en gaat het systeem ook weer ‘uit’: de boodschap is ontvangen. Als je al heel jong, of zelfs voor je geboorte, vaak stress hebt ervaren, dan heb je steeds veel cortisol aangemaakt maar weinig receptoren. Dit betekent dat bij jou de stress-as wel aan gaat, maar dat het afschakelen van dit systeem langzamer gaat. Stress blijft letterlijk en figuurlijk veel langer in je lichaam.

Wat er gebeurt is dit: door onveilige gebeurtenissen heeft je lichaam bepaalde hersencircuits aangelegd en is je stress-as gevoeliger geworden. Je bent alert en waakzaam en de drempel om stresshormonen aan te maken is bij jou lager (je maakt ze dus bij een klein beetje stress al aan). Daarbij komt dat jouw systeem als het eenmaal ‘aan’ staat, niet zo snel weer ‘uit’ gaat. De verhoging van de hormonen zelf kunnen ook weer voor een onveilig gevoel zorgen, waardoor je waakzaam blijft. Zo ontstaat een vicieuze cirkel.

Evolutionair psychologen zeggen dat je goed bent aangepast om te overleven in een onveilige wereld. Het vervelende is, dat je door al die stresshormonen de wereld als onveilig gaat waarnemen. Je voelt je minder snel op je gemak en welkom bij andere mensen, en ontmoetingen kunnen heel stressvol zijn. Je bent er alert op of je niet iets verkeerd doet, niet te veel bent en of je weg kunt. Als je alertheidssysteem continu ‘aan’ staat, verbruikt dat erg veel energie. Vaak is dat dan ook vermoeiend. Ook is er een relatie gevonden met klachten als fibromyalgie en het chronisch vermoeidheidssyndroom.

Veilige hechting en gezonde stress

BabyVeilige hechting is een buffer tegen stress. Je hecht je veilig als je vader of moeder niet alleen voorziet in je fysieke behoeften maar zich ook emotioneel op je afstemt. Dat geeft je als baby en als jong kind het gevoel dat je gezien wordt en dat je behoeften worden begrepen en tegemoetgekomen. Fysiek zien we dat terug in een regelmatige ademhaling, een rustige hartslag en lage gehaltes aan stresshormonen. Als je emoties kalm zijn, is je lichaam dat ook. Wordt er langdurig niet of onvoldoende in je behoeften voorzien, fysiek of emotioneel, dan is dat onveilig en stressvol. 

Stress hoort bij het leven. Om te groeien moet je namelijk regelmatig uit je comfortzone. Stress helpt kinderen om zich aan te passen aan nieuwe situaties, en nieuwe situaties dagen uit om te leren. Zo ontwikkelen ze nieuwe vaardigheden. Een paar stress-factoren zijn dan ook prima te behappen, ook voor jonge kinderen. Het laat echter zijn sporen na als het te lang duurt of te hevig is en als er geen moeder of vader is, die de stress goed reguleert. De stress heeft dan gevolgen voor de ontwikkeling.

Goed genoeg

Niemand is perfect en het lukt eenvoudig niet om 100% van de tijd volledig afgestemd te zijn op je kind. Dat hoeft ook niet. Ook de kinderen van ouders die ‘goed genoeg’ zijn afgestemd, hechten zich veilig. Het criterium is overigens niet dat er niets ‘verkeerds’ of ‘onveiligs’ gebeurt, maar veel meer dat de moeder of vader dit signaleert en herstelt. Bij een ‘goed-genoege’ ouder staat het kind bloot aan de normale stressvolle gebeurtenissen in het leven. De ouder is afgestemd op zijn kind, voelt aan wanneer het kind hem nodig heeft, en zorgt dan voor nabijheid, afleiding of juist rust, maar in ieder geval voor veiligheid. Een kindje kan, samen met zijn ouder, prima tegen een stootje.

Te veel stress

Wanneer is stress te veel stress? Hierboven zijn al een aantal oorzaken genoemd. We kunnen interne en externe stressoren onderscheiden. Interne stressoren zijn de fysieke omstandigheden: je hebt als kind bijvoorbeeld langdurig honger of pijn gehad, was vaak ziek of oververmoeid.

Externe stressoren zijn bijvoorbeeld: gescheiden worden van je ouders (met name van je moeder), overlijden van een broertje of zusje, ziekte en ziekenhuisopnames (van jezelf of je moeder), blootstelling aan familieconflicten, misbruik en scheiding.

Als het gaat om de periode voor de geboorte kun je de volgende vragen overdenken: had je moeder veel stress toen ze zwanger was van jou? Was haar partner bijvoorbeeld langdurig afwezig, of was er ziekte of overlijden in de familie? Was ze nog erg jong en moest ze nog naar school? Was ze depressief?

Wat belangrijk is om je te realiseren, is dat dingen die vanuit het oogpunt van een volwassene helemaal niet stressvol lijken, dat voor een kind wel kunnen zijn. Een jong kind is afhankelijk van de zorg van volwassenen, leeft in het nu (en kan niet overzien dat een situatie maar tijdelijk is) en heeft vaak nog helemaal niet de woorden om aan te geven wat hij nodig heeft, of om te begrijpen wat er gebeurt.

Het goede nieuws is dat het echt mogelijk is om de mate van stress en onveiligheid drastisch terug te brengen. Je kunt systematisch analyseren waar de oorzaak van je onveiligheid ligt en vervolgens kijken naar de specifieke manier waarop jij daar mee om gaat. De resultaten van deze aanpak zijn bijzonder positief. Cliënten geven aan dat het ze na een traject lukt om hun zenuwen terug te brengen naar ‘gezonde spanning’, óók als ze al jaren aanwezig waren. Wel scherp en alert, maar niet langer ongezond gestrest en angstig.

Susan Vroemen

Susan Vroemen

Therapeut Houten

Wil jij meer weten over Susan Vroemen of een afspraak maken? Bel dan naar 085-4014720. Susan Vroemen is werkzaam als psychosociaal therapeut Houten. Zij behandelt uiteenlopende klachten en vraagstukken. Zo kun je bijvoorbeeld bij haar terecht als je hulp nodig hebt bij hechtingsproblematiek, depressieve– en burn-out klachten.

Dit vind je misschien ook interessant

Hulp of advies nodig?

Blijf niet met je klachten lopen en bel met ons. We kunnen je adviseren en plannen wanneer gewenst direct een afspraak voor je in bij een psycholoog die bij je past.

  • Persoonlijk advies
  • Geen wachtlijst
  • Direct een afspraak
Bel: 085-4014720
Zoek een psycholoog