Categorie

Drie maanden met je vinger tussen de deur

Vanuit werk op weg naar huis ren ik een stuk door het Amsterdamse bos. Als groot hardloopfan doe ik dat wel vaker, maar deze middag zal ik nooit vergeten. Terwijl ik ren wil ik uit de weg gaan voor een paar voorbijgangers, maar dan stap ik per ongeluk naast de weg. Shit! Ik stap scheef en mijn enkel klapt dubbel. Ik voel een stekende pijn. Ik probeer te lopen, maar dan wordt het bijna zwart voor mijn ogen.

Vraag me niet hoe, maar ik weet naar het ziekenhuis te komen. Mijn enkel is inmiddels vier keer zo dik, en ik sleur mezelf kokhalzend van de pijn de eerste hulp binnen. ‘Ik denk dat mijn enkel gebroken is’, zeg ik tegen de vrouw die achter de balie zit. Zij werpt een blik op me, buigt zich voorover, met haar hoofd dichtbij mijn zwetende kop die vertrokken is van de pijn. Ze zegt op samenzweerderige toon: ‘Als je morgenochtend eerst naar de huisarts gaat, ben je je eigen risico niet kwijt.’

Het traditionele denken in de zorg

Dat moment zal ik nooit vergeten. Een tip om geld te besparen. Alsof dat eigen risico mij, terwijl ik daar sta met die ondraaglijk pijnlijke enkel, niet compleet gestolen kan worden.

Ik ben het verhaal over de jaren heen gaan zien als een perfect voorbeeld van wat ik het traditionele denken in de zorg noem. Dat traditionele denken zit vooral in de relatie tussen zorg en geld. In Nederland hebben we het relatief goed geregeld – iedereen een zorgverzekering, en iedereen een goed zorgaanbod in het basispakket. De bijwerking hiervan is dat we zorg zijn gaan zien als iets waar we altijd gratis recht op hebben. Als je dat nog verder doortrekt, krijg je wat er onbewust moet hebben gespeeld bij de vrouw die me die dag in maart haar tip gaf: dat we alles waar we voor moeten betalen koste wat kost willen vermijden.

Lange wachtlijsten

Die aanname zie ik overal in de zorg terugkomen, zeker ook in de psychologische zorg. Mensen met mentale klachten kloppen aan bij de huisarts. Die stelt een eerste diagnose waarmee je psychologische hulp kunt krijgen. In veel gevallen wordt dit een verwijzing naar de vergoede zorg. Somberheidsklachten worden bijvoorbeeld ingedeeld onder een depressie, waarvan de behandeling vergoed wordt uit het basispakket. De persoon wordt – vaak met een niet helemaal passende diagnose – doorverwezen naar een behandelaar die is aangesloten bij een zorgverzekeraar. Die behandelaar heeft vervolgens, gemiddeld, een wachtlijst van zo’n 2 tot 4 maanden.

Een cliënt van onze praktijk zei eens over zijn depressie dat het voelde alsof hij drie maanden lang met zijn vinger tussen de deur had gezeten. Zo iemand komt dus op een wachtlijst maanden terecht. Waarom noemt de huisarts niet dat je een keus hebt? Dat je ook diezelfde week nog geholpen kan worden, onder de juiste diagnose, als je zelf betaalt voor je zorg?

Dat je bij een huisarts aanklopt die deze mogelijkheid niet noemt, is een beetje zoals aankomen bij de eerste hulp met een gebroken enkel, en dan te horen krijgen dat je beter nog even die ondraaglijke pijn kan slikken tot je gratis kan worden geholpen.

Zo snel mogelijk hulp

De aanname van die vrouw die ik in het ziekenhuis ontmoette, laat zien dat de relatie tussen geld en zorg scheef is gegroeid. Als iemand klachten heeft, fysiek of mentaal, is het juist logisch dat diegene zo snel mogelijk hulp wil krijgen. Dat daar kosten aan verbonden zijn, verandert meestal niets aan die wens als ze die kosten gewoon kunnen betalen. Op het moment dat ik daar stond met die enkel wilde ik dat de vrouw me opving, een pijnstiller gaf, een dokter zou halen – niet dat ze voor mij bepaalde dat geld misschien belangrijker was dan hulp.

Natuurlijk zijn er ook mensen die het eigen risico van 385 euro zich niet goed kunnen veroorloven. Maar dat geldt niet voor het grootste deel van de Nederlanders. Zoals zorgverleners als de vrouw achter de balie zich nu opstellen, lijkt het alsof (laten we een conservatieve schatting maken) 80 procent van de Nederlanders die 385 euro niet zouden willen ophoesten om van hun pijn af te komen. Ik denk dat de situatie andersom is: hoogstens 20 procent zou drie keer nadenken over de kosten, en minstens 80 procent van de Nederlanders zou die 385 euro er gewoon voor over hebben, als ze daarmee die ondraaglijke pijn kwijt zijn. Ik zie elke dag dat mensen best bereid zijn om te betalen, als ze dan gelijk worden geholpen. Niet hoeven afwachten met een kloppende enkel of die figuurlijke vinger tussen de deur.

Als die dag in maart in dat Amsterdamse ziekenhuis me één ding heeft laten zien, is het dat het tijd is dat we accepteren dat zorg geld kost, en dat die zorg de kosten vaak meer dan waard is.

Patrick Callahan

Patrick Callahan

Directeur Psyned

Dit vind je misschien ook interessant

Hulp of advies nodig?

Blijf niet met je klachten lopen en bel met ons. We kunnen je adviseren en plannen wanneer gewenst direct een afspraak voor je in bij een psycholoog die bij je past.

  • Persoonlijk advies
  • Geen wachtlijst
  • Direct een afspraak
Bel: 085-4014720
Zoek een psycholoog